Category Archives: Me

Over vallen en weer opstaan

Over vallen en weer opstaan

Toen ik 7 maanden geleden onderstaand stukje schreef had ik niet gedacht dat ik nu dit stukje zou schrijven. Maar het is toch zo en ik ben er verdomde verdrietig om geweest. Enter a Girls mind en Wijze Woorden van Julie komen voorlopig niet uit als boek. De echte reden verblijft in wazigheid… Maar lang verhaal kort: de uitgeverij met wie ik in zee ben gegaan bleek andere prioriteiten in het leven te hebben. En boeken uitgeven hoorde daar ineens niet meer bij.

Ja ik was verdrietig, ja ik was teleurgesteld. Ja het voelde alsof een bel, een droom keihard in mijn gezicht uiteenspatte. Maar inmiddels is het knopje om: ik heb hen niet nodig om mijn dromen werkelijkheid te maken.

Ik was even gevallen en blijven liggen -jammerend- maar inmiddels ben ik weer opgestaan. Het kan dus even duren eer je een echte Sarah van Dee kan kopen maar ik schrijf door en dat boek zal er verdomme komen!

Save the Date: 25 april 2015

Save the Date: 25 april 2015

Toen ik ruim 7 jaar geleden begon met het schrijven van mijn hersenspinsels had ik nooit gedacht dat ik nu dit stukje zou schrijven. Maar het is toch zo en ik ben er verdomde trots op *trommelgeroffel*: Enter a Girl’s Mind komt uit in boek!

Op 25 april brengt uitgeverij Text & More – De Brul van Hul – mijn brainwaves uit op papier. Een droom die uitkomt! Dus altijd weer eens willen lezen over die evil Pipi Langkous? Of die romance met een wanna-be acteur? Grijp je kans en bestel 25 april mijn boek (*juicht*) via de webshop van De Brul van Hul.

Veel liefs!

Twee Bakjes Haring

Twee Bakjes Haring

Ik ga liggen op de mat en sluit mijn ogen. Mijn ademhaling wordt dieper en ik probeer te ontspannen. “Ontspan”, zeg ik tegen mijzelf. Ontspan. “Ik heb een haat-liefde verhouding met de eindontspanning van de yoga. Ik wil het zo graag maar tegelijk voelt het als verspilde tijd, een beetje liggen niksen op dat matje… “ Oh nee. Dat was de voice-over van mijn leven, die slaat altijd op de vreemdste momenten aan. Ik probeer hem te sussen met wat ‘mantra’s’; het is maar een gedachte, observeer en laat het gaan. Concentreer je op iets anders. Op je ademhaling: Adem in. Adem uit. Adem i… Daar verschijnt collega S. ineens: don’t mind me zegt ze. En ze lacht eens lief.

S. mag blijven, zij is een echte yogi. En dús goed voor mijn ontspanning beslis ik. Maar eh… moest ik niet aan ‘niets’ denken? Sorry S. *hup* mijn hoofd uit!

Ik focus opnieuw op mijn ademhaling. Adem in. Adem uit. Adem in. Adem uuiii… zou ik dit ook een keer in een plog op kunnen nemen? Ik bedoel zou het héél gek zijn als ik nu even gauw een selfie van mezelf neem waarop ik doe alsof ik er waanzinnig ontspannen bij lig? Maar dan moet ik nu wel even mijn mede-cursisten misschien waarsch…AAAH! Zwijg daarboven! FOCUS. Op de muziek dan maar, als de ademhaling niet werkt!

Dit is mooie muziek. Fijn Hindoestaans gewauwel dat ik niet versta. Geen touw aan vast te knopen. Voer mij weg van de hectiek in mijn hoofd op deze rustgevende tonen, heeeerl…

“Haring…”

Oh nee. Zeg dat het niet waar is. Zit er een Mama Appelsap in dit liedje?! Vastberaden zingt de dame opnieuw “Shaaaanti, shaaanti…twee bakjes haring”. Krampachtig leg ik mijn handen op mijn gezicht, maar het is al te laat. Mijn mondhoeken krullen omhoog en gegiechel stijgt uit mijn binnenste op. Ik probeer mij te herpakken; niet lachen niet lachen niet lachen.
“Twee bakjes haaaaring” klinkt het en dan heel vastberaden; “Cúrry met haring, curry met haring”. Ik ben verloren, ik geef het op. De poorten van het Nirvana blijven wederom voor mij gesloten. Maar mijn ogen niet. Die zijn wagenwijd open en staren verbijsterd naar het plafond. Er is net een kwartje vallen. Keihard. Want wat als mijn Nirvana niet uit stilte bestaat, maar juist uit woorden?

Tegen alle yoga regels in spring ik overeind en sprint sputterend het lokaal uit. Ik heb mijn inspiratie al op veel vreemde plekken gezocht maar het lag weer eens op de meest onwaarschijnlijke: in twee bakjes Hindoestaanse haring op een yogamat.

Slow Down!

Slow Down!

Gestrekt lig ik in de hal. Met mijn voorhoofd op de koude marmeren vloer adem ik diep in en uit. Ik MOET rustig worden.
Terwijl ik gehaast mijn jas aantrok, de badkamer inrende om mijn tanden te poetsen, de krant las, de kat ontweek, checkte of ik nog smsjes had en mijn haar fatsoeneerde, bleef ik hangen in het hengsel van mijn handtas en daar ging ik. Bridget Jones zou voor me hebben geapplaudisseerd.

Ik wil altijd teveel tegelijk. Het liefst op de momenten dat juist de tijd het niet meer toelaat. Maar ook als ik op een vrije ochtend met mijn koffie in bed zit, kan ik niet achterover zakken om schaamteloos te genieten van As the World Turns.
Lekker niks doen komt niet voor in mijn leventje. Met één oog op de tv, en koffie in de hand, doe ik met de andere mascara op, terwijl ik diep nadenk over de volgorde waarin ik mijn dag ga indelen. Multitasken heb ik tot een kunst verheven.

Luieren is voor mietjes! Ergens in mijn achterhoofd is een stemmetje het volkomen met mij eens… Ik ben geen mietje, met mijn volle agenda, mijn piepende telefoon en de drukte op het werk. Ik leef!

Maar daar op de koude marmeren vloer van mijn huis kwam de omslag: dit-niet-meer. Ik ben wel een mietje. Ik moet niet rustiger worden, ik wíl het. Dit stemmetje moet K-O.

Weg met het volproppen van mijn leven met afspraken die niet haalbaar zijn, weg met rennen en vliegen om overal op tijd te zijn, weg met “moeten”, weg met mensen die een acute hartaanval krijgen als het niet gaat zoals ze het willen, weg met alle energievreters, de zeurders, de schuldgevoelaanpraters. Weg met de agendafunctie in je telefoon, de BlackBerry en “altijd en overal bereikbaar”.

Dan maar iets te laat, met een mascara die goed zit. Dan maar een trein later, zonder bijna mijn been te breken, dan maar niet doen wat een ander wil als ik daar beter van slaap, überhaupt niet meer doen wat anderen willen.
Dan maar niet aardig gevonden worden, dan maar geen “perfect” maar een “goed”.
Ik leef voor mijzelf, ik doe wat ík wil, en ik leg alleen verantwoording af aan mijzelf.

Of ik straks nou aan de hemelpoort sta, mag reïncarneren of terug ga naar aarde om daar in iemands huis rond te spoken, ik wil graag een mooi verhaal te vertellen hebben. Ik wil niet met mijn mond vol tanden staan of, nog erger, euforisch uitweidden over de deadlines die ik heb gehaald… Ik wil vertellen over luie zondagochtenden, over dagen gevuld met de dingen die ik leuk vond… En als er niks is na dit leven?

Dan was dat van mij verdomd eenmalig mooi!

Stomende seks hoedje

Stomende seks hoedje

Bij gebrek aan hippe zonnebril tijdens een zonovergoten lunchpauze, besloot mijn collega mij te “versieren” met een prachtig, ouderwets, zelf gevouwen hoedje. Mét klep.
Na een korte speurtocht op internet, was het droomhoedje in een mum van tijd gevouwen. Wat een beetje speeksel, krant en handige collega al niet kunnen klaarspelen.

Vol trots werd het hoedje op mijn hoofd gezet.
Afgezien van dat ik het, door aanwezig lentebriesje, moest vasthouden, werd er met succes een foto gemaakt van dit onvergetelijke knutselwerk.
Én – zo bleek achteraf – naar de afdeling gemaild, waar het nog vele jaren bleef opduiken tijdens jubilea, verjaardagen en allerlei andere lollige gelegenheden.

Het simpele kranten hoedje kreeg algauw een sterrenstatus toen na bestudering bleek dat Mr. Daniel Craig himself ons vanaf de binnenkant toelachte, dat frivole blote vrouwenbenen op de klep ons de ogen uitstaken en achterop de legendarische woorden stonden: “stomende seks met je grootmoeder”.

Algauw bleek dat het “stomende seks hoedje” een louterende werking had op vrouwelijke collega’s zonder seks, zelfvertrouwen of enige happiness in de vorm van een man of chocola.
Met Mr. Bond, James Bond op je hoofd, voelde het leven toch een stuk spannender, sexier en mooier. 10 minuten dragen bleek heilzaam voor lichaam en geest. En niet te vergeten was het een garantie voor de slappe lach als je tegen een sippe collega opperde dat zij best het stomende seks hoedje even mocht lenen.

Na één legendarische dag van trouwe dienst, prijkte het hoedje op mijn bureau op de hals van een Jip&Janneke bubbelsap fles. Bij een vlaag van gebrek aan inner sexyness zette ik het stomende seks hoedje op en luisterde naar Daniel Craig’s zwoele gefluister. Mijn inner goddess is weer helemaal “shaken, not stirred…”

De maffia

De maffia

Ik heb de maffia achter mij aan, en ze maken er geen geheim van dat ze er zijn. Ik weet niet wat ze willen en ik weet niet waarom. Maar ze zijn er.

Het begon allemaal toen ik vrijdagmiddag op de achterbank van de auto van mijn moeder zat en oogcontact maakte met een nogal duister, glad figuur in een dito auto. Hij liet zijn raam zakken en draaide – om zijn dreigende blik kracht bij te zetten – de muziek van The Godfather nog wat harder…
Gelukkig reed mijn moeder gauw weg bij het verkeerslicht anders had hij mij vast proberen te raken met een of andere geluiddempende shotgun.

Een dag ging voorbij en de maffia liet niks van zich horen. Misschien was het toeval geweest? Misschien dacht ik maar dat hij naar mij had gekeken, en had hij het eigenlijk op mijn zusje gemunt… (Dat zou echt een opluchting zijn, want zij is stewardess en heeft een snel vliegtuig om mee te vluchten)

Totdat…
Ik zat op de bank bij mijn ouders en keek vanuit het raam naar een Jack Russel die zich in de voortuin vermaakte. Plots keek de eigenaar mij aan, zette een donkere blik op en liep, The Godfather melodie fluitend, langzaam weg…
Ik verwachtte bommen en granaten want de maffia is toch wel meer van de indrukwekkende moordpartijen. Pas toen ik zeker wist dat hij weg was kwam ik de badkamer uitgeslopen…Trillend als een spaghettisliertje…

Wat ik ze misdaan heb weet ik niet, maar dit is zeker: de maffia vindt het maar niks als ik op een bank zit en uit het raam kijk…

Zielig

Zielig

Met samengeknepen ogen van concentratie kijk ik naar de pen die voor mij op de tafel ligt. Met mijn opgestoken rechterhand tracht ik de pen met mijn gedachten zover te krijgen dat hij uit zichzelf naar mij toe rolt. Maar er gebeurt niks. Shit.

Ik ben van de fiets gevallen op mijn hoofd en terwijl ik met een ijszak op mijn brein op de bank zit, schiet mij ineens de meest briljante gedachte ooit binnen. Wat als ik nu een superheld ben? Ik bedoel afgezien van Superman, worden de meeste superhelden niet zo geboren. Ze worden super, door een superongeluk. En dat van mij was op zijn minst mini-super te noemen.

Hoe vet zou het zijn als ik superpowers had! Maar ja, hoe kom je daar achter?
Tijd om dit te onderzoeken! Een ding was al duidelijk: Telepathie zat er dus niet in.

En dat ik niet magnetisch was geworden was ik ook al snel achter. Misschien kon ik dan het weer bepalen? Vlug, het balkon op! Maar na 5 minuten tevergeefs “schijn zon! SCHIJN!” te hebben geroepen voorzien van, in mijn (rollende) ogen, zeer magische bewegingen met mijn armen, gebeurde er niks. Dat was het dus ook niet.

Misschien kon ik van gedaante veranderen of werd ik een groen boos monster als ik kwaad werd?
Na stampvoetend voor mijn vriend te hebben gestaan, (je bent toch altijd een groen, boos monster als je kwaad bent?), gaf ik het bijna op.

In een laatste poging kies ik twee getallen uit en probeer deze razendsnel op te tellen, misschien was ik dan van mijn dyscalculie af? Ben ik nu ineens hyperintelligent?
Maar na met veel moeite 91 plus 23 te hebben opgeteld en uit frustratie een rekenmachine te hebben gepakt (nog geprobeerd om hem met mijn brein aan te zetten, maar nee). Geef ik het op. No superpowers for me.

Heb ik dan niks bijzonders overgehouden aan mijn val? Was al die angst en pijn dan voor niets?! Was het dan gewoon pure dommigheid? Terwijl ik mijzelf teleurgesteld en dramatisch op bed werp komt mijn vriend de kamer op met thee, chocola en een dekentje.

Aha! Ik heb dus toch iets overgehouden aan deze val: ik ben zielig.

Poets met mate

Poets met mate

Verschrikt kijkt mijn vriend mij aan. “Wat ga je doen?!”. Het is zaterdagochtend, half elf, een tijdstip waarop ik normaliter nog in mijn bed lig maar vandaag sleep ik met een emmer sop en spons door het huis. Terwijl ik alles begin op te tillen wat om hem heen staat bekruipt hem een gevoel van paniek: dit heeft zij nog niet eerder gedaan.
Bezorgt vraagt hij of het wel goed gaat. Trust me, never been better.

Sinds kort heb ik het heft in eigen handen genomen en zijn er een aantal drastische veranderingen geweest. Mijn sloffen staan ineens doelloos naast het bed, ik bewandel mijn pad tegenwoordig op blote voeten. En dat is niet het enige, na 3 dagen tilde mijn vriend nog eens de dekens op, opzoek naar de schijnbaar afwezige pyjama “maar…maar…is dit je nieuwe ik?”. Na wat instemmend geknor van mijn kant, hoorde ik hem heel diep zuchten en zich tevreden tegen mij aan vleien tussen de kraakheldere lakens. En dan komen we uit bij puntje 3. Kraakhelder is mijn nieuwe motto.

Alles. Moet. Schoon. Het was een tip van een collega die mij tot poetswaanzin dreef, toen ik het even niet meer zag zitten. Niet lekker in je vel? Doe aardse dingen! Poets die pot, dweil die vloer, verschoon dat bed, lap je ramen en stof tot de Ajax Eucalyptus Alles Reiniger uit je poriën komt.

Wie had ooit gedacht dat het zover zou komen? Ik in elk geval niet en ik denk dat mijn vriend inmiddels de hoop ook al had opgegeven. Ik was mevrouw-poets-niet, een beetje té geëmancipeerd… Met als gevolg dat mijn zelfrespect stukje bij beetje afbrokkelde, want wie wel bedenkt dat er gepoetst moet worden maar steeds faalt in de uitvoering ervan, bouwt een enorm schuldgevoel op als de ander weer de planten staat af te stoffen… Het werd tijd om het ruime sop te kiezen!

Nadat ik mijn wekelijkse zondagse dweilbeurt had gedaan en in kleermakerszit vanaf de bank de glimmende natte houten vloer bewonderde, in afwachting dat hij droog werd. Ging ik poetsend met mijn hoofd (nee, niet poetsend mét mijn hoofd) zo’n beetje in de toiletpot hangend, tevreden liedjes neuriën.
Na luttele minuten te hebben gepoetst en geneuried, viel ik stil.
Ik neuriede wat verder en kwam toen met een ruk omhoog. What the F? Sinds wanneer is “er is een kindekke geboren geboren in ’t stro” toegevoegd aan mijn poets-neurie-repertoire?

Dus hierbij een passende waarschuwing voor alle zichzelf niet respecterende vrouwen die poetsen overwegen als een remedie: Gebruik poetsen met mate. Voor de bijwerkingen: raadpleeg bijsluiter.

Vertel mij wie ik ben… (it’s all about me, me, me)

Vertel mij wie ik ben… (it’s all about me, me, me)

Voor degenen die hem gemist hebben op life and cooking.nl mijn introductieblog:

Of ik even een stukje wilde schrijven over mijzelf. Er is niks moeilijkers dan iets over jezelf schrijven. Want wie ben ik? Dat vraag ik mij ook regelmatig af, dus de beste manier om daar achter te komen was om het de mensen om mij heen te vragen.

Mijn moeder keek mij verliefd aan; je bent nog altijd mijn baby, mijn appeltje, mijn lieve paphoofd. Terwijl mijn moeder de fotoalbums uit de kast trok, en mijn babysokjes knuffelde, rende ik vlug naar mijn beste vriendin. Er moet toch iemand iets zinnigs te melden hebben?

Nadat ze diep had nagedacht, kreeg ik midden in de nacht een lange e-mail:
“Je bent optimistisch, enthousiast, ruimdenkend, heel zorgzaam, reislustig, nieuwsgierig, lief en uiterst briljant omdat een van je favoriete gerechten spaghetti met knakworstjes is, omdat je af en toe letterlijk stuitert van enthousiasme, je een ‘geweldig’ rekenkundig vermogen hebt :), niemand anders mij ooit zou opvrolijken tijdens een busreis door wijngums op mijn en haar gezicht te plakken, je in alle onschuld en zonder te blozen een rugbyspeler z’n t-shirt heb ontfutseld, je de meest geweldige chocolade taart kan maken, je èn goede serieuze gesprekken kan hebben èn dolle en dwaze.”

Na deze lofzang had ik gewoon moeten stoppen en niemand anders meer iets moeten vragen. Echter het mailtje “vertel mij wie ik ben” was toen al verzonden en het commentaar stroomde binnen, volgens mijn vriend was ik “volkomen geschift in het donker, alsof je uit een gesticht komt”, moest mijn bril van toen ik 13 was echt de deur uit, kookte ik niet op gevoel maar altijd met recept en de keer dat ik op gevoel kookte verdwenen er 4 eetlepels Sambal in het gerecht. Ik luister altijd iedereen af, drink veel te veel water en te weinig wijn.

Volgens mijn collega’s had ik teveel fantasie, exotische hobbies, een gewaagde kledingkeuze voor op de werkvloer (ik zeg megacoole sportschoenen met een hak van 10 centimeter), hou ik van hobbies maar niet van karten, kitesurfen en zwemmen. Maar wel weer van drijven…
Woorden als “pitspoezen” en “geval” hoorden niet op het werk geGoogled te worden en ik bakte te weinig taarten voor ze, ik was wispelturig, ziekelijk nieuwsgierig en ondanks mijn kledingkeuze had ik te weinig mini-rokken aan…

Na 20 mailtjes te hebben doorgespit keek ik enigszins gegeneerd in de spiegel. Was ik echt zo… raar?
Gelukkig bracht één mailtje orde in de verwarring, “met jou is het altijd lachen!”. Pfoei!

Move! (Column voor Vodafone 17 maart 2008)

Move! (Column voor Vodafone 17 maart 2008)

Ik kreeg de opmerking dat het wel te merken was in mijn artikeltjes dat ik niet blij ben met de move naar Amsterdam. Ja, gek hè? 2 maanden nadat ik hier als Amsterdamse woonde en werkte, kwam de aankondiging.
Mijn leven was net wat rustiger geworden. Na 5,5 jaar op-en-neer reizen tussen Amsterdam en Maastricht, heb ik ervoor gekozen om mijn grote liefde voor altijd in mijn armen te sluiten en daarmee het Bourgondische leven, en Vodafone. So excuse me if i’m not amused!

Dolblij was ik, met mijn baan bij Vodafone. Maar na 2 maanden werd dit alles uit mijn handen getrokken.
Als behang wat net in je nieuwe huis hangt maar eraf komt bladderen, als de nieuwe jurk die eenmaal thuis toch boven budget blijkt, als die lieve poes die je nieuwe Glossy aan flarden krabt.
Eerste reactie? We verhuizen mee! …Of toch niet?…
En zo begon het wikken-en-wegen, de blijdschap, de onenigheden en het verdriet; 3 tissuedozen zijn ervoor nodig geweest om mijn tranen te deppen. Ik was op een middag niet eens meer in staat om te werken.
Ik heb echt gerouwd. Het weekend voor de einddatum hebben we de knoop doorgehakt: wij blijven hier.

En oh wat gaan we het leuk hebben! Veel leuker dan jullie*! Het weer is hier mooier, de mensen vriendelijker, de huizen goedkoper, en hier hebben ze verse vlaai. Jullie zitten straks aan de Multi-vlaai.
Hiervandaan zit je binnen een uur in grote steden zoals Brussel en Aken.
Vanuit Amsterdam ben je zo in wereldsteden als Abcoude, Hoorn, Purmer-end, Datsylel of het spetterende Almere.
Wij gaan lekker picknicken in de heuvels. Jullie op Zandvoort, waar je na 3 uur file en 20 euri in de parkeervreter, de zweetlucht van je buurman ruikt en zijn zonnebrand in je broodje proeft.

Mocht je ooit het Bourgondische leven gaan missen, in zeg 3 weken na je verhuizing, ik heb nog wel een logeerkamer waar je op mag. En zo niet, mag ik dan bij jou logeren als ik mijn thuis mis?

* Jullie = verwijzing naar degenen die gaan verhuizen naar A’dam e.o.